4 minuten

Begeerte heeft ons aangeraakt

Wie zit er te wachten op linkse samenwerking? Dat is de verkeerde vraag!

De vraag die er aan vooraf moet gaan luidt: wie zit er eigenlijk te wachten op links? Rechts rules immers? Sarkozy, Berlusconi, Merkel en Cameron, ze hebben de linkse leiders Royal, Prodi, Schröder en Brown flink in de vergetelheid doen belanden. Er wordt nog wat geblaft, maar de rechtse karavaan trekt verder.

De Tea Party lonkt!

De boodschap van minder overheid, minder regels, minder immigratie, minder islam, minder subsidies, meer asfalt, meer ruimte voor ondernemen, meer consumptie, harder optreden tegen normoverschrijdend gedrag en schelden op links: het gaat erin als koek!

Want links, dat is de elite die zich losgezongen heeft van het volk, dat zijn de babyboomers die goed voor zich zelf gezorgd hebben, dat zijn de intellectuelen, die voornamelijk tégen hangen en onjuiste paniek over het klimaat verspreiden, dat zijn de subsidieverslaafden en de zakkenvullers, dat zijn degenen die alles maar goed vonden, terwijl de gewone mensen verkommerden in het gevoel dat ze een vreemde in eigen land waren geworden.

Wie deze litanie tot zich door laat dringen, die moet zich toch de vraag stellen wat links heeft gedaan om een dergelijk loodzwaar odium op zich te laden. Wie dat niet doet loopt het risico dat linkse samenwerking voor nogal wat mensen synoniem is met het voorgaande schrikbeeld in het kwadraat. Want hoe grotesk dat beeld van links ook is, het komt ergens vandaan, beter gezegd het wordt ergens door gevoed. Waardoor dan?

Laten we wel wezen, ‘het volk’, dat was toch van links? Lotsverbetering, verheffing, zeggenschap, weet je nog? En het lijflied van links was de Internationale, die zou morgen heersen op aard. We hadden niets te verliezen dan onze ketenen, toch? En hoe is het nu, zo’n 150 jaar verder? De lotsverbetering is er ontegenzeggelijk gekomen: er is een oudedagsvoorziening, ziektekostenverzekering, sociale woningbouw, werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidswetgeving, de bijstand. En het volk is ook verheven: bibliotheken en musea bij de vleet, internet, een mobiel en flatscreen met 75 kanalen voor iedereen.

Die zeggenschap, dat is misschien een ander verhaal! Het zou zo maar kunnen dat het daar fout is gegaan. Op het moment dat dat ons niet meer zo goed uitkwam. Immers, die burgers kregen, dankzij die lotsverbetering en verheffing, een scherp oog voor het concrete eigenbelang en voor het behoud van verworvenheden. Net op het moment dat links een stap verder zette, op weg naar de hoog verheven idealen van rechtvaardigheid, duurzaamheid en wereldvrede.

Onze verhalen over de generaties na ons, over onze te grote voetafdruk, over rechtvaardige wereldhandel, over consuminderen (en in elk geval minder vlees eten) en minder energie verbruiken hadden als impliciete boodschap dat die belangen en verworvenheden van de gewone mens misschien een beetje uit de hand waren gelopen, en dat het gewone plaats moest maken voor het verhevene, het écht belangrijke. De omgang met het volk ging wringen, een beetje te vergelijken met de strofe die in veel opvoedingspraktijken wordt gedebiteerd: ‘later zul je inzien dat het beter voor je is’. En hoezeer dat met alle goede bedoelingen en intelligente analyses is omgeven, het neemt het gevoel niet weg dat het eind van het liedje is: inleveren, versoberen, pas op de plaats, de aarde is niet van jou.

Reed’lijk willen heeft over die aarde gestroomd, maar die stroom is te hoog gerezen. Zeggen we met die boodschap eigenlijk niet dat de lotsverbetering te ver is gegaan, dat de verheffing niet tot verstandige mensen heeft geleid, en dat zeggenschap daarom zijn grenzen heeft?

Ondertussen heerst de Internationale allang op aard, zij het op een andere manier dan ons voor ogen stond: we gaan gebukt onder Europese regels, we kopen tomaten uit Marokko en bloemen uit Kenia, we bellen met callcenters in India, China investeert wereldwijd meer dan de Wereldbank en beheert ook nog een flink deel van de staatsschuld van de VS.

Ziedaar het probleem van links: we hebben in 150 jaar veel bereikt, en nu dus veel te verliezen. Het wordt tijd dat te erkennen en met egards te benoemen en te behandelen, in plaats van te doen alsof het willen behouden van het bereikte iets bekrompens en rechts is.

De vrees om verworvenheden, die door toedoen van links zijn bereikt, te verliezen, dat is de motor van het rechtse ressentiment dat als een spook door Europa waart (sic).

We moeten onze eigen resultaten terughalen en met wat meer liefde koesteren. Ze zijn niet van ons afgepakt, we hebben ze als hete aardappels uit onze handen laten vallen.

En, als we dan toch bezig zijn, zouden we onze taal misschien eens tegen het licht moeten houden. Natuurlijk, we willen opkomen voor solidaire, mondiale, actieve en tolerante burgers. Maar we willen toch ook recht doen aan het belang van vertrouwdheid, eigenheid, responsiviteit, hulpvaardigheid en veiligheid. Wat is daar nou rechts aan?

Links, dat met zijn (opnieuw geformuleerde) ideeënwereld weer raakt aan de leefwereld en gevoelens van mensen, dáár zitten we op te wachten. En samenwerking heeft alleen echt zin als het dááraan ook kan bijdragen.

Gerelateerde artikelen