4 minuten

De kracht van vastberaden organisatie

In memoriam Marcus Bakker

Op 24 december 2009 overleed Marcus Bakker, tussen 1956 en 1982 lid van de Tweede Kamer voor de CPN, waarvan negentien jaar als fractievoorzitter. Hij was in die tijd een van de bekendste politici van Nederland. Wouter Bos, die hem namens de regering op 12 januari in een Kamerzitting herdacht, stelde vast: “Liepen de Kamerleden tijdens de maidenspeech van Bakker nog uit protest weg, later in zijn loopbaan stroomden de groene bankjes juist vol als hij met zijn zware stem en Zaans accent begon te spreken.”

Bos noemde Bakker een standvastig politicus en een aardig mens, een democraat, iemand die voorop liep in de klassenstrijd en zich met hand en tand verzette tegen het kapitalisme.

De twintigjarige Bakker, van huis uit een sociaaldemocraat, koos in 1943 voor de CPN, omdat hij de strijd wilde aanbinden tegen de Duitse bezetter. Na de bevrijding werd hij redacteur van het communistische dagblad De Waarheid en gaf zijn studie Nederlands op. Hij leidde het verzet van de jeugd tegen de oorlog van Nederland met Indonesië, en tekende voor de leuze: “Maak van onze jongens geen SS’ers”. Hij organiseerde de handtekeningenactie in Nederland voor het ‘Appèl van Stockholm’ dat zich uitsprak tegen hernieuwd gebruik van kernwapens. Al snel werd hij gevraagd voor het dagelijks bestuur van de CPN en in 1953 werd hij hoofdredacteur van De Waarheid. Die laatste functie legde hij neer toen hij in de Tweede Kamer kwam. In 1963 werd hij voorzitter van de fractie.

Spijkerhard

Bakker blonk uit in het interruptiedebat en in retoriek. Bij een grondwetswijziging kwam hij in een discussie over artikel 1, dat zich tegen discriminatie uitspreekt, met de formulering ‘of op welke grond dan ook’, die unanieme bijval kreeg. Op voorstel van GroenLinks werd in 1992 een vergaderzaal in het nieuwe Kamercomplex naar hem genoemd, waardoor hij in het exclusieve gezelschap kwam van Thorbecke, Troelstra, Oud en Aletta Jacobs.

Bakker was volkomen toegewijd aan de partij. Het was zijn opvatting dat een betrekkelijk kleine groep in een klein land wel degelijk invloed kan uitoefenen op zaken van wereldbelang. Daarvoor is een vastberaden organisatie nodig. Hij was er trots op dat via de CPN arbeiders politiek konden maken. Pas in de jaren tachtig werd hij kritisch over de Sovjet-Unie: “Ik ben pas in de periode van Gorbatsjov wakker geworden, na de onthulling dat de massamoord in Katyn toch het werk van Stalin is geweest. Het moeten accepteren dat mensen met een speldje van de communistische partij, sovjet-militairen, de meest schofterige streken hebben uitgehaald, is voor mij buitengewoon moeilijk geweest.” Hoe het mogelijk is dat hij zo laat tot dat inzicht kwam, is voer voor een biograaf.

Bakker stimuleerde de CPN tot het deelnemen aan GroenLinks: “Voor mij was het interessante dat ik kon afstappen van het alleen maar optreden binnen communistisch verband en kon overgaan naar algemene en maatschappelijke dingen.” In zijn boek Wissels; herinneringen zonder berouw legde hij verantwoording af over zijn politieke verleden, waaronder zijn spijkerharde optreden tegen de oppositie in de CPN in 1958. Hij betreurde het gebrek aan normen en waarden in de stalinistische CPN van die tijd.

Vrede

Bij de oprichting van GroenLinks constateerde hij in Politiek & Cultuur (maart/april 1992) dat de communistische beweging wereldwijd in een hoog tempo aan het verdwijnen was. In gepolijste, sarcastische volzinnen waarop hij het patent had, somde hij op wat er daarmee weg was: “Weg is het theoretisch genoemde bouwwerk dat in die decennia is opgericht, met zijn merkwaardige, grijze eentonigheid – na het kleurige denken van Marx, het al minder kleurige maar meer daadkrachtige denken van Lenin, het opdringerige praten op schrift van al die anderen die tot hun dood leiders en spirituele bronnen heetten te zijn – om, eenmaal begraven of in gebalsemde toestand bijgezet, afgeschreven en door nieuwe theoretische genieën vervangen te worden.” Wat bleef, “ondanks de vuiligheid, de onbekwaamheid en onverantwoordelijkheid die zich onder de naam van het communisme hebben voorgedaan, is het reiken naar het meest verheven doel dat denkbaar is: een wereld van gelijkwaardigheid en menselijkheid”.

Bakker was meer dan een halve eeuw vergroeid met de vredesbeweging: zijn eerste interpellatie van 1960 keerde zich tegen de stationering van kernwapens op Nederlands grondgebied. Hij aanvaardde in de jaren negentig nog een bestuurslidmaatschap van het samenwerkingsverband Stop de kernwapenwedloop. Hij verwierp de in zijn ogen laffe bombardementen van de NAVO als middel om op de Balkan in 1999 een eind aan de burgeroorlog te maken en die duizenden slachtoffers maakte. Toen GroenLinks dit optreden, waarvoor geen VN-mandaat was, ondersteunde, was het opzeggen van het lidmaatschap voor Bakker en zijn vrouw onontkoombaar.  

Leo Molenaar werkt aan een biografie van Marcus Bakker. Een aantal van bovenstaande citaten komen uit persoonlijke interviews. Lezers die informatie of materiaal hebben over Marcus Bakker kunnen terecht op http://www.leomolenaar.nl/marcusbakker.html.

Gerelateerde artikelen