12 minuten

Hackers: narren of idioten

De affaire rond Wikileaks legde een nieuwe wereld bloot. Hackers zetten regeringen te kijk en ondermijnen informatiesystemen: zijn zij de nieuwe narren? In elk geval doen ze alsof en verdoezelen zo het feit dat ze een nieuwe politieke beweging vormen. Duik in de wondere wereld van anonieme plaaggeesten en creatieve idioten.

De Joker uit ‘Batman’ en Guy Fawkes uit ‘V for Vendetta’. Deze twee emblemen zijn onlosmakelijk verbonden met de anonieme netizens die onder de noemer Anonymous schuilgaan. In de recente commotie rond Wikileaks en de opstanden in de Arabische staten vielen zij de websites van staatsorganen en bedrijven aan. Hun imagokeuze van de joker lokt de vraag bijna uit. Zijn hackers de nieuwe narren? De meeste commentatoren en experts beschrijven deze online demonstranten inderdaad als narren: puberale, maar daardoor niet minder criminele grapjurken. Door in te spelen op dit culturele stereotype laten zij de politieke betekenis van deze anons echter liggen. En misschien is dat wel precies de bedoeling van de activisten: dankzij hun narrige maskers kunnen ze daarachter doen wat ze willen. In werkelijkheid vallen hun acties namelijk radicaal buiten de gebruikelijke orde; daarom is wat mij betreft de nar een minder passende typering. Die zit immers altijd vast aan de macht. Een betere figuur is de idioot, die alleen bezig is met wat hij zelf maakt en doet.

In de filosofie is de idioot van oudsher degene die zich richt op het eigene. Voor Gilles Deleuze en Félix Guattari zijn de nar en de idioot geen stereotypen, maar ‘conceptuele figuren’. De eigenschappen van zo’n gedachtefiguur variëren per tijdperk en per gebruiker. Zo gebruikt de Duitse denker Hannah Arendt de idioot in de oude, negatief-kritische zin als een afschrikwekkende figuur die uitsluitend voor zichzelf wil bepalen wat de werkelijkheid is. De idioot van Deleuze en Guattari daarentegen is een affirmerende en onrepresenteerbare figuur. Dat wil zeggen dat hij niet iets bestaands vertegenwoordigt, noch op zoek is naar ondeelbare waarheid, maar juist naar het absurde. Het allerhoogste vermogen van het denken is namelijk creëren, aldus de twee denkers. De nieuwe idioot wil datgene bereiken wat voorbij het al gedachte ligt.

De nar maakt de koning belachelijk tegen de prijs dat zijn mening buiten het politieke domein valt. Hij creëert niet, maar kritiseert. Toch moet hij oppassen, want de beul is nooit ver en de koning fijngevoelig. De nar is niemand verantwoording verschuldigd, behalve zijn eigen nek. De idioot laat zich leiden door de vreugde van het maken, terwijl de nar altijd de schaduw van de koning met zich meedraagt. En dat gaat ver, want wie iemand anders een nar noemt, roept de kroon over zichzelf af. En ook voor de koning is de hakbijl altijd nabij. De huidige afkeer van de links-elitaire ‘cultuurpausen’ is dan ook genoeg reden om de nar niet als politiek leidende gedachtefiguur te kiezen. Want jezelf in ernst uitroepen tot nar is hoogmoed en de ander een nar noemen betekent jezelf wegzetten in de benarde positie van de elite.   

Scriptkiddies

Wat is eigenlijk een hacker? Voor computerprogrammeurs heeft hacken minstens drie betekenissen: uitvinden, computerprogramma’s schrijven en sleutelen aan digitale veiligheidssystemen. Volgens deze definitie is Henry Ford een hacker en Bill Gates ook. Na de introductie van wetten voor computercriminaliteit is de laatste groep, de beveiligingsenthousiasten, opgedeeld in white hat, grey hat en black hat hackers. Alleen die laatste breken in met kwade bedoelingen. Withoedjes en grijskappen breken ook in, maar laten vervolgens de eigenaar van het systeem weten dat er iets mis is. Een soort slotentesters, maar dan zonder lijfelijke aanwezigheid.

Desondanks heeft de term hacker sterk criminele connotaties. Misschien is dat een van de redenen dat oudere hackers de nieuwe generatie afdoen als onwetende pubers. In hun haast zich te distantiëren van de jongere hackers gebruiken de ouderen vaak het denigrerende scriptkiddies. Deze kids programmeren niet (alles) zelf, maar maken programma’s en applicaties door de juiste onderdelen bij elkaar te harken. De oudere hackers beweren dat de kids geen plannen hebben, noch echte technologische kennis. Het zijn geen echte hackers en daarmee is de kous af.

Ook Rop Gonggrijp, Nederlandse hacker van het eerste uur, oprichter van Xs4all en succesvol criticaster van de stemcomputer en de OV chipkaart, zet de kids weg als narren en maant deze plaaggeestjes zich volwassen te gedragen. Een gemiste kans, zeker omdat de Amerikaanse justitie inmiddels zijn twittergegevens heeft opgeëist vanwege zijn connecties met Wikileaks. Technologisch gezien heeft Gonggrijp misschien weinig gemeen met de kids, maar politieke affiniteit lijkt er wel degelijk te zijn. Is het onderscheid hacker-scriptkid wel van wezenlijk belang als het enige verschil technologische kennis is? Immers, de grollen van deze vermeende internettrollen zijn voor de meeste toeschouwers net zo onbegrijpelijk als andere, nog buitenissiger digitale capriolen. En dat de één een kast koopt en de ander hem zelf maakt is nog geen reden om de kopers te kleineren. Waarschijnlijk heeft de minachtende benaming ook te maken met een verschil in opvatting over tactiek en strategie. De scriptkids zijn namelijk berucht om hun aanvallen op allerlei websites, iets waarvan de meeste oudgedienden (zeggen te) gruwen.

Keldertrollen

Ook Wikileaks kreeg te maken met het negatieve imago van hackers. Dat de organisatie zich weinig aantrekt van de wil van de gevestigde macht is inderdaad zonneklaar. Julian Assange probeerde de organisatie echter acceptabel te maken voor het grote publiek door zich in 2009 op te werpen als woordvoerder, terwijl dat niet overeenkomt met de diffusie werkwijze van Wikileaks. Het leek even te werken: sinds Assange het publieke gezicht van Wikileaks werd, is de organisatie snel in faam gegroeid (ook de belangrijke nieuwsfeiten die Wikileaks blootlegde droegen daar uiteraard aan bij). Assange slaagde er een tijd lang in om het imago van de hacker in het voordeel van Wikileaks om te buigen. Hackers werden (weliswaar obscure) strijders voor de goede zaak, in plaats van keldertrollen die porno kijken en bankrekeningen plunderen op de maat van hun modem.

Maar dat veranderde snel na de publicatie van de Collateral Murder video en de nog steeds voortdurende druppelpublicatie van 200.000 diplomatieke cables van de Verenigde Staten. Binnen de kortste keren maakte het stereotype van de kwaadaardige hacker weer opgang.

De commentatoren wisten niet hoe snel ze de activisten van Wikileaks moesten afdoen als fundamentalistisch-anarchistische hackers en elitaire nepjournalisten. Machtige Republikeinen, zoals de voormalige voorzitter van het Huis van Afgevaardigden Newt Gingrich, schilderden Assange af als terrorist en enemy combatant. Dat is niet zo vreemd, aangezien zij zich al sinds Nixon succesvol tegen niet-traditionele waarden keren. Zij schetsen een culture war waarbij twee Amerika’s – het  ene democratisch, elitair, goddeloos en promiscue, het andere republikeins, patriottistisch en godvrezend – om de macht strijden. In Nederland doen Wilders, de christenpartijen en de VVD dat bijna twintig jaar later nog eens dunnetjes over. Door de tegenstanders van de traditionele republikeinse waarden consistent af te schilderen als elitaire freaks, binden de Republikeinen dat deel van de natie aan zich dat zich niet met de culturele revolutie van ’68 vereenzelvigt. Met deze populistische tactiek behalen de Republikeinen de macht om krachtige sociale en economische hervormingen naar neoliberale snit door te voeren. De markt krijgt voorrang boven big government.

Dit soort culturele en marktgeleide argumenten zijn sterk vertegenwoordigd in de kritiek op Wikileaks. Heeft het ideaal van ‘gratis nieuws’ er niet toe geleid dat Europese journalisten massaal hun baan zijn kwijtgeraakt? Die vraag stelt Jaron Lanier, technojournalist en voormalig hacker, zonder hem overigens te beantwoorden. De Britse socioloog Frank Furedi vindt Wikileaks gevaarlijk omdat de site klokkenluiden – eens een moedige daad – te makkelijk maakt. Hij maant tot vertrouwen in de instituties en wantrouwt de anonieme critici ervan. Hij benadrukt de institutionele noodzaak tot geheimhouding en zegt dat het publiek genoegen moet nemen met (‘recht heeft op’) openbaar debat. Men moet niet willen weten wat er achter dat debat schuilt. Lanier beweert ook dat burgers overheden en instituties dankbaar moeten zijn voor hun geheimhouding. Die maakt immers dat burgers zich geen zorgen hoeven te maken over de planning van bijvoorbeeld militaire, diplomatieke of macro-economische zaken. En dankzij dit soort gebabbel weten we inmiddels meer over het symbool Assange en de interne strubbelingen van Wikileaks dan we weten over de nieuwsfeiten die de neoklokkenluiders de wereld in hebben geholpen. De oude idioot spreekt over de nieuwe idioot zonder ook maar iets van hem te begrijpen: na een korte opklaring zijn hackers weer de vijand geworden. De strategie van Wikileaks om zich voor te doen als een conventionele organisatie en zo de populistische argumenten van de culture war voor te zijn, heeft gefaald. De cultuur van informatievrijheid en transparantie van de macht waar Wikileaks voor staat, is te schimmig gebleken om met een snelle mediastunt te kunnen claimen.

Anonymous

Wikileaks kreeg al snel steun van zogenaamde anons die deel uit maken van de online beweging Anonymous. In reactie op de media-aanvallen tegen Wikileaks trokken verschillende strategisch belangrijke bedrijven hun handen van de organisatie af. Daarop richtte de toorn van Anonymous zich op die bedrijven en op overheidsinstanties die Wikileaks verketterden. Onder de vlag van Anonymous vielen deze kids de websites van onder andere Visa, Mastercard, Amazon en Zweedse overheidsinstanties aan en legden ze plat met behulp van DDoS-attacks. Dat zijn aanvallen op een website of computernetwerk door zoveel toegangsverzoeken te versturen dat de server tijdelijk onbereikbaar raakt of crasht. Niet lang daarna ontbrandden de opstanden in Tunesië en Egypte en nam Anonymous ook de overheidssites van die landen onder vuur. De hackers haalden daar niet alleen sites uit de lucht, ook hackten zij nodes (communicatieknooppunten op internet) van de regering. Die stelden zij open voor het twitterende en facebookende publiek. En om de aanvallen makkelijker te maken, ontwikkelden technischer aangelegde anons het Low Orbit Ion Cannon, een readymade aanvalapplicatie (LOIC). De DDoS aanvallen mogen niet veel meer dan online sit-ins zijn, deze minuscule vergrijpen zijn ontzettend uitvergroot onder de wetten tegen computercriminaliteit.

Anonymous is een identiteitsloze, constant veranderende zwerm, een ‘ongroep’ waar bezoekers anoniem projectvoorstellen doen en ze even anoniem afbranden of oppikken. De orde die ontstaat, is spontaan en tijdelijk. Er zijn geen leiders, hoogstens initiatiefnemers. Per actie verandert de samenstelling en motivatie van de deelnemers. Een beetje zoals neoliberalen zich voorstellen dat de vrije markt werkt. Maar waar cultureel, intellectueel en economisch kapitaal de machtsverhoudingen op de markt scheeftrekken en houden, geldt dat op de communicatiekanalen die de anons gebruiken in veel mindere mate. In de discussies op de vrij toegankelijke IRC kanalen (Internet Relay Chat, een chatvorm die groepscommunicatie mogelijk maakt) gebruikt vrijwel iedereen een pseudoniem of blijft anoniem, een bekend fenomeen van indymedia.nl en geenstijl.nl. Gebruikmakend van collaborative editing platforms schrijven verschillende mensen aan de begeleidende tekst bij een actie, die anderen onmiddellijk vertalen. Justus Uitermark, die als socioloog aan de Erasmus Universiteit Rotterdam recent geïnteresseerd is geraakt in Anonymous, noemt deze vorm van communicatie in een interview met ondergetekende dan ook “een benadering van de machtsvrije communicatie van Jurgen Habermas”.

Radicaal liberalisme

De vergelijking met GeenStijl is ook belangrijk omdat Anonymous is opgericht door bezoekers van allerlei messageboards en fora die enige gelijkenis vertonen met GeenStijl. De grootste Engelstalige site 4chan.org is van deze boards het bekendste. Op dit hyperonderbewuste van het internet lopen politieke discussies, grappen, porno, tekeningen, weetjes, nieuwtjes en videoclips door elkaar. Een favoriet thema is ‘Doing it for the Lulz’. Dingen doen – een foto van je kat schieten of Osama bin Laden te kakken zetten – om door de grond te gaan van de lach. En ‘doing it for the lulz’ is ook een leidende beweegreden voor Anonymous. Toch zijn de anons geen narren.

“4Chan,” zegt Uitermark, “is een kweekvijver voor een radicaal liberalisme dat de grenzen van het betamelijke en juridisch toelaatbare opzoekt en overschrijdt.” De massale avatarinvasie van online hotels met nigra’s – zwarte mannen met Afrokapsels en discokleding – was de eerste, absurdistische actie. In de loop der tijd is een groter deel van de acties gericht op het uitdragen van dat radicale liberalisme met directe online actie. “De absurdistische en puberale elementen zijn nog volop aanwezig, maar de doelwitten hebben in de loop der tijd een steeds duidelijker politiek profiel gekregen.” Van een aanval op een online spelletje richtte men zich achtereenvolgens tegen een hiphop site, de Scientology Kerk, bedrijven die bescherming bieden tegen digitale piraterij, anti-Wikileaks bedrijven en tenslotte de regeringen van Tunesië en Egypte (een completere lijst staat op en.wikipedia.org). De zogenaamde scriptkiddies mogen zichzelf dan verschuilen achter beelden van narren zoals The Joker en Guy Fawkes, in feite vormen zij “de eerste politieke beweging die internet niet gebruikt als reclamemiddel voor iets in de wereld, maar die eisen formuleert die exclusief te maken hebben met de manier waarop wij het internet dagelijks gebruiken.” Overigens gaat er onder de naam The Jester ook een echte hacker schuil die Anonymous bekritiseert en soms zelfs tegenwerkt – een teken van serieuze politieke discussie binnen deze online community.

Anonymous neemt de mogelijkheden van het internet als onderwerp van een politieke claim. Wikileaks doet hetzelfde. Beide eisen de rechtvaardige verspreiding en verdeling van informatie. Beiden richten zich op de vrijheid van meningsuiting en keren zich op een bepaalde manier tegen het intellectuele eigendomsrecht. De scriptkids zijn geen hackers in de technische zin van het woord, maar dat is van ondergeschikt belang met betrekking tot hun politieke oriëntatie. Als ware piraten slaan zij hun enterhaken in de flanken van het establishment. En wat is een hacker anders dan iemand die ergens bij aanhaakt en het subverteert? Alles wat de communicatie verhindert, krijgt de LOIC op zich gericht. Zowel de private sector, bedrijven, als de publieke sector, overheidsorganen, moeten het ontgelden. Deze nieuwe hackers creëren een nieuwe sfeer van gedeeldheid en gemeenschappelijkheid waarover overheid noch bedrijven iets te zeggen hebben. Ze sluiten daarmee aan bij een politiek concept dat filosoof Hans Achterhuis ‘gemeenheid’ heeft genoemd. Ze zijn bereid deze te verdedigen en delen die gedeelde communicatiesfeer ook met anderen, zoals in Tunesië en Egypte. Zo vertegenwoordigen zij een nieuw politiek bewustzijn, waarvoor geen ultieme technische kennis nodig is om er aan mee te doen. Inloggen, rondkijken en mee discussiëren staat iedereen vrij.

Door zichzelf te verbergen achter het imago van de nar blijven de nieuwe hackers en de vele niet-hackers van Anonymous beschermd tegen juridische vervolging voor hun DDoS aanvallen en hun pogingen internettoegang en toegang tot informatie veilig te stellen voor zichzelf en anderen. Dat imago maakt geen aanspraak op waarheid, maar functioneert als afleidingsmanoeuvre om hun identiteit te verbergen. Waar Wikileaks nog faalde in de poging om mee te doen met het imagospel, heeft Anonymous zich met het lege beeld van de nar een niet kapot te krijgen imago aangemeten, juist omdat dit imago niets over hen zegt. Dankzij dit masker ontkomt deze internetcultuur aan de val van de culture wars. Want in werkelijkheid zijn de anons geen narren, maar onrepresenteerbare idioten die onder de oppervlakte van Facebook en Twitter nieuwe politieke technieken verkennen met verregaande gevolgen voor de manier waarop staten, bedrijven en individuen zich tot elkaar verhouden. Idioten waar we zowel qua tactieken als technieken nog wat van kunnen leren.

Literatuur: 

- Hans Achterhuis, Het rijk van de schaarste. Van Hobbes tot Foucault, Ambo, Amsterdam 2003, 1988.
- Hannah Arendt, The Human Condition, TheUniversity ofChicago Press,Chicago 1958.
- Gilles Deleuze en Félix Guattari, Qu’est-ce que la philosophie? Les Éditions de Minuit, Paris 1991.
- Frank Furedi, “Het belang van het lek” in: De Groene Amsterdammer, nr. 49, 2010.
- Ryan Gallagher, (2011), “What Wikileaks has told us" op: http://www.opendemocracy.net/ryan-gallagher/what-has-wikileaks-ever-taught-us-read-on.
- Jaron Lanier, “De gevaren van ‘de suprematie van de nerd’” in: De Groene Amsterdammer, nr. 1, 2011.   
- www.collateralmurder.com.
- http://en.wikipedia.org/wiki/Low_Orbit_Ion_Cannon.
- www.nettime.org.
- http://sourceforge.net/projects/loic/.
- http://wikileaks.org/.

Gerelateerde artikelen