3 minuten

Pandemie en politiek

De bomen en het bos

Al snel na het uitbreken van de coronacrisis stonden commentatoren massaal klaar met voorspellingen over hoe de wereld er na ‘corona’ uit zal zien. Als we echter kijken naar wat we weten over de politieke effecten van pandemieën, dan past ons bescheidenheid wat dergelijke voorspellingen betreft.

De laatste pandemie was de Spaanse Griep van 1918 tot 1920. Deze ziekte infecteerde een half miljard mensen, een kwart van de wereldbevolking, en kostte naar schatting 30 miljoen mensen het leven. De maatregelen tegen deze griep lijkt op de corona-aanpak: quarantaines, het sluiten van publieke gebouwen, mondmaskers, handen wassen, tenten om de overvloed aan patiënten op te vangen.

De politieke effecten van deze pandemie plaatst politicologen voor raadsels. De Amerikaanse politicologen Christoper Achen en Larry Bartels onderzoeken in hun boek Democracy for Realists onder meer hoe kiezers reageren op rampen. Hun theorie: na een ramp scoren zittende politici slechter in verkiezingen. Achen en Bartels zagen inderdaad duidelijk dat politici werden afgestraft na overstromingen en periodes van grote droogte. Maar ondanks de massale sterfte als gevolg van de Spaanse griep, bleven bij de verkiezingen van 1918 landelijk en lokaal de regerende partijen aan de macht.

Hiervoor zijn verschillende oorzaken denkbaar. Als je partner verdrinkt door een overstroming, is het veel duidelijker wie daarvoor verantwoordelijk is (de overheid die de dijken slecht onderhouden heeft) dan wanneer hij of zij behoort tot de vele slachtoffers van een pandemie. Bovendien vond de Spaanse Griep plaats tijdens de Eerste Wereldoorlog. De media stonden onder censuur, waardoor de pandemie nauwelijks de kranten haalde. In de loopgraven waar de griep ook om zich heen sloeg, was de ziekte daarnaast ‘slechts’ onderdeel van de verschrikkingen die de mannen daar al meemaakten. Vanwege de oorlog werd de griepuitbraak ook niet door oppositiepartijen gepolitiseerd.

Andere politicologen betwisten bovendien de theorie van Achen en Bartels dat kiezers politici altijd afstraffen als het misgaat.  De Duitse SPD deed het blijvend beter in gebieden die getroffen waren door de overstroming van de Elbe in 2002. De afgelopen maanden scoren regerende partijen bij verkiezingen beter in gebieden waar het coronavirus meer slachtoffers eiste.

Uit de historische gebeurtenis die het meest lijkt op wat ons nu overkomt, kunnen we dus weinig lessen trekken. We moeten dan ook voorzichtig zijn met al te grote voorspellingen over de manier waarop de coronacrisis de politieke geschiedenis zal beïnvloeden.

Literatuur

  • Achen, C. H., & Bartels, L. M. (2017). Democracy for realists: Why elections do not produce responsive government (Vol. 4). Princeton University Press.
  • Bechtel, M. M., & Hainmueller, J. (2011). How lasting is voter gratitude? An analysis of the short‐and long‐term electoral returns to beneficial policy. American Journal of Political Science, 55(4), 852-868.
  • Gasper, J. T., & Reeves, A. (2011). Make it rain? Retrospection and the attentive electorate in the context of natural disasters. American Journal of Political Science, 55(2), 340-355.
     

Dit artikel staat in het zomernummer van tijdschrift de Helling. Altijd de nieuwste artikelen lezen? Sluit een abonnement af.

Gerelateerde artikelen