3 minuten

Schaduw

Column Daniëlle Hirsch

De afgelopen maanden is de politiek er niet saaier op geworden. Achter de schermen van de bijna wekelijkse persconferenties over de gezondheidscrisis werden en worden beslissingen genomen waar ik met stijgende verbazing naar heb gekeken.

Het meest in het oog springende voorbeeld is natuurlijk de miljardenlening voor de KLM terwijl er geen extra geld voor de zorg te vinden lijkt te zijn.

Even pijnlijk vind ik hoe de coalitie op dit moment de kans op grotere veranderingen vergooit; steun gaat naar de fossiele sector, maar niet naar de zorg of het onderwijs. Concrete plannen voor radicale verandering, zoals MVO Nederland, Triodos en De Jonge Klimaatbeweging de overheid hebben aangereikt, worden nog niet opgevolgd.

De grote vraag in de maanden tot de verkiezingen is of we de vicieuze cirkel kunnen doorbreken waarin we alles waar niet direct groot geld aan te verdienen is, zoals zorg, onderwijs, internationale samenwerking, kunst en cultuur, niet of onvoldoende waarderen. Deze sectoren worden uitgehold waardoor ze minder goed functioneren, de waardering nog verder daalt en de politiek nog minder noodzaak voelt erin te investeren.

We zien dankzij corona heel goed waar het nu misgaat én wat nodig is

De huidige systeemkritiek is veel meer diffuus dan tijdens de financiële crisis van 2008. Toen was het helder dat ons financiële systeem faalde, met een hoofdrol voor banken en verzekeraars. Zo’n makkelijke schuldige ontbreekt nu en dus zijn er talloze meningen, ook vanuit groen en links. De strekking van alle analyses is echter dezelfde: we hebben nu de kans om de transitie naar een duurzame en eerlijke samenleving in te zetten.

Internationaal wordt naar schatting 17 procent van het wereldwijde inkomen  in de economie gepompt om de gevolgen van Covid-19 op te vangen. Een ongekend bedrag, dat overheden een prachtige kans biedt de problemen van vandaag aan te pakken die verder gaan dan de gezondheidscrisis – klimaat, ongelijkheid.

Immers, we zien dankzij corona heel goed waar het nu misgaat én wat nodig is: investeren in duurzame steden, stopzetten van subsidies op fossiel, steunen van de duurzame koplopers in het bedrijfsleven, een overheid die de regie neemt over de energietransitie en verduurzaming van de landbouwsector.

Het klinkt allemaal zo logisch, en toch is het de politiek tot nu toe niet gelukt om daar de handen voor op elkaar te krijgen. Terwijl dat best mogelijk moet zijn, leerde ik uit de gesprekken die ik de afgelopen maanden voerde: met CDA-ers die zwaar willen inzetten op vergroening, D66-ers die pleiten voor een gefaseerde afbouw van fossiele geldstromen.

We hebben meer dan ooit de kans om de totale afbraak van de publieke sector door verregaande marktwerking te stoppen, om mondiale solidariteit weer op te bouwen en om fors te investeren in groene en duurzame steden, bedrijven en energie-infrastructuur. Daarvoor hebben we politici nodig die over hun schaduw heen durven stappen. En die in aanloop naar de verkiezingen niet alleen hun aantal zetels, maar vooral de toekomst van ons land en de planeet voor ogen houden.   
 

Deze column staat in het herfstnummer van tijdschrift de Helling. Altijd de nieuwste artikelen lezen? Sluit een abonnement af.

Gerelateerde artikelen