3 minuten

We zijn pro-Europeser dan we zelf denken

De bomen en het bos

Uit politieke verslaggeving en op sociale media rijst vaak het beeld van een guur opinieklimaat als het om Europa gaat. De harde eurosceptici van de PVV en FvD spreken zich uit voor een Nederlands vertrek uit de Europese Unie. Op Twitter worden zij ondersteund door anonieme twitteraars met Nederlandse vlaggetjes die hun walging uitspreken over de ‘EUSSR’. Politici van andere partijen, soms ook van GroenLinks, durven zich nauwelijks uit te spreken voor versteviging van de Europese Unie. Zo heeft bijvoorbeeld minister van Financiën Wopke Hoekstra een Hanze-coalitie gesloten met andere Europese landen om op de rem te gaan staan bij voorstellen voor verdere integratie om de Eurozone stabieler en socialer te maken.

Het opvallende is dat recent opinieonderzoek een ander beeld toont. Het Sociaal en Cultureel Planbureau peilt regelmatig hoe Nederlandse burgers tegenover Europa staan, en ziet de steun voor Europa juist groeien. Het aandeel kiezers dat dat het lidmaatschap van de Europese Unie een goede zaak vond,  lag altijd rond de 40 procent (met een grote groep die bij onderzoeken invult ‘weet niet’) maar vormt nu zelfs een meerderheid. Het aantal voorstanders van een ‘Nexit’, altijd al een minderheid, is weer gekrompen. De steun voor de Europese Unie is ook op andere indicatoren gegroeid: zelfs de tevredenheid met de Europese politiek is toegenomen. Mogelijk speelt hier de chaotische Brexit mee, die heeft laten zien dat uittreden uit de EU minder makkelijk is dan gedacht. We kunnen er dus maar beter het beste van maken.

In het huidige debat over de Europese Unie is de vraag hoe we een solidaire en stabiele eurozone organiseren, misschien wel de meest ingewikkelde. Een vergaande stap zou zijn om de nationale werkloosheidsuitkeringen vanuit de Europese Unie te subsidiëren: wanneer een land plotseling geraakt wordt door een economische crisis en de werkloosheid groeit, zou dit land vanuit een Europese pot geld ontvangen. Een controversieel voorstel waar bijvoorbeeld Hoekstra en zijn Hanzecoalitie afwijzend tegenover staan. Onderzoek van hoogleraar Frank Vandenbroucke van de Universiteit van Amsterdam (2018) laat zien dat in Nederland echter een ruime meerderheid bestaat vóór een dergelijke grote stap naar meer sociaaleconomische integratie. Fundamentele oppositie tegen deze maatregel is beperkt tot een klein deel van de bevolking. Zelfs als dit zou leiden tot belastingverhoging in Nederland steunen de meeste burgers een dergelijke stap.  

Zo ontstaat de paradoxale situatie dat Nederlandse politici meer op de rem staan bij Europese integratie dan kiezers  willen, uit angst om te ver vooruit te lopen op diezelfde kiezers. Waarom dit zo is, blijft slechts gissen: mogelijk heeft het referendum uit 2005, waarin een meerderheid van de Nederlanders zich uitsprak tegen de Europese Grondwet, een trauma achtergelaten.  Hoe dan ook lopen het politieke debat en de publieke opinie hier uit de pas. We zijn pro-Europeser dan we zelf denken.

Literatuur

  • Den Ridder, J., P. Dekker en E. Boonstoppel (2018) “Burgerperspectieven 2018|3” Den Haag: Sociaal-Cultureel Planbureau.
  • Vandenbroucke, F., B. Burgoon, T. Kuhn, F. Nicoli, S. Sacchi, D. Van der Duin en S. Hegewald (2018) “Risk Sharing When Unemployment Hits: How Policy Design Influences Citizen Support For European Unemployment Risk Sharing (EURS).” Amsterdam: UvA.


Dit artikel staat in het lentenummer van tijdschrift de Helling. Altijd de nieuwste artikelen lezen? Sluit een abonnement af.

Gerelateerde artikelen