6 minuten

Halsema en een deemoedige les voor de toekomst

De memoires van Femke Halsema

Het is alweer even geleden dat 'Pluche' van Femke Halsema uitkwam. Maar Wim Bot merkte dat hij een cruciaal element miste in de discussie over het boek: de verhouding van Halsema tot haar eigen partij, GroenLinks. Die leidde tot twee grote mislukkingen die voorkomen hadden kunnen worden, schrijft Bot.

'Pluche, het boek met politieke memoires van GroenLinks-politica Femke Halsema, werd vorig jaar enthousiast begroet door lezers en critici. Terecht, want het is een poging om met zelfreflectie en distantie terug te kijken op een carrière onder de Haagse kaasstolp. De harde leerschool van het parlementaire handwerk, de enorme druk van de media, de bedreigingen, spanningen en problemen in het privéleven, vriendschappen en ruzies met andere politici: ze komen allemaal voor in Pluche.

Halsema is veel openhartiger en eerlijker dan ze tijdens haar actieve loopbaan wilde of kon zijn. Het boek heeft daardoor veel meer diepgang dan de meeste andere boeken die we kennen van oud-Kamerleden, inclusief dat van haar voorganger Paul Rosenmöller. Halsema was ook als politica al evenzeer beschouwer als deelnemer en die combinatie leverde niet alleen een markant volksvertegenwoordiger op, maar ook een terugblik die tot nadenken stemt.

Kiezerspartij versus ledenpartij

Eén element is in de besprekingen onvoldoende belicht: de verhouding van Halsema tot haar eigen partij, GroenLinks. Halsema is nooit een partijtijger geweest en werd als lid van de PvdA en medewerkster van de Wiardi Beckmansichting gevraagd voor een hoge positie op de GroenLinks-lijst. Al in de inleiding noemt Halsema zichzelf een relatieve buitenstaander. Het verwijt van te grote distantie ten opzichte van partijpolitiek acht ze gegrond. Aan het einde van het boek citeert ze met instemming Mark Rutte: “Je hebt GroenLinks en je hebt Femke, zij is een partij van zichzelf”.

Halsema koos duidelijk voor een kiezerspartij en niet voor een ledenpartij en in zo’n kiezerspartij zijn personen van doorslaggevend belang. Dat GroenLinks daar als partij niet altijd mee uit de voeten kon, bleek ook wel uit de uitermate kritische rapporten na de verkiezingsnederlagen van 2006 (Van Ojik) en van 2012 (Van Dijk).

Vrijzinnige koers en afhouden regeringsdeelname

Twee belangrijke mislukkingen illustreren haarscherp deze tegenstelling in politieke benadering en stijl. In 2006 had Halsema GroenLinks op een links-liberaal spoor gezet en verloor de partij een zetel bij de verkiezingen. Halsema weigerde samen met haar inner circle om deel te nemen aan de kabinetsonderhandelingen, omdat GroenLinks als verliezer niet nodig was; er zou een sterkere positie kunnen ontstaan na afhaken van de ChristenUnie.

Veel actieve raadsleden en wethouders van GroenLinks snapten niets van dit hogere politieke strategische spel. GroenLinks speelde en speelt een prominente rol in de lokale verhoudingen in veel steden en de vertegenwoordigers zijn gewend om met een duidelijke eigen agenda onderhandelingen in te gaan. Zelf heb ik in Delft driemaal aan collegeonderhandelingen deelgenomen, driemaal met succes en zonder ons ooit afhankelijk te maken van eventuele strategietjes van andere partijen. Halsema zegt nu over haar besluit, in alle onopgesmukte eerlijkheid: “Ik realiseer me terwijl ik als toeschouwer het vierde kabinet Balkenende tot stand zie komen dat ik me heb gedragen als een slechte verliezer. Daarmee heb ik GroenLinks en mezelf beschadigd”.

'Echt draagvlak voor een links-liberale koers is er nooit geweest en er is in feite ook niet aan gewerkt.'

 

Over het kritische rapport van Van Ojik dat na deze zeperd ontstond laat ze zich laconiek uit, omdat haar eigen positie daarin niet ter discussie werd gesteld. Ze geeft toe dat debatten over haar nieuwe sociale (vrijzinnige) koers en de regeringsdeelname beter hadden gemoeten, maar eigenlijk vond ze die evaluatie van “partijgetrouwen” sowieso niet nodig. De gebeurtenissen bevestigen haar in haar eigen gelijk en aan het vasthouden aan haar links-liberale, vrijzinnige koers: “Maar ik besluit dat dit de enige richting is die ik uit wil”.

Mentale kloof

Wat veel fans van Halsema buiten GroenLinks zich nooit hebben gerealiseerd is dat haar koers (en met name het manifest Vrijheid Eerlijk Delen) nooit op een actieve, enthousiaste steun van de eigen partij heeft mogen rekenen. Een grote minderheid vond het niets, een kleine minderheid vond het prachtig en een meerderheid dacht er genuanceerd over en wilde Halsema niet voor de voeten lopen. Echt draagvlak voor een links-liberale koers is er nooit geweest en er is in feite ook niet aan gewerkt; het manifest werd top-down gedropt.

Halsema beschrijft de mentale kloof die zo inmiddels was ontstaan treffend bij de kabinetsonderhandelingen van 2010, waar Rutte en Pechtold haar jonge, veranderingsgezinde geestverwanten zijn en de PvdA’ers de zure, oude, behoudzuchtige mannen. Ze speekt hier op een warmere toon over de leiders van D66 en VVD dan ze in het hele boek over GroenLinks als partij doet. Een kabinet met Rutte en Halsema kwam er niet – de geschiedenis herhaalt zich niet, alleen als tragedie – maar het zou voor de leden en vaste aanhang van GroenLinks hoogstens het minste kwaad zijn geweest en geen aanlokkelijk perspectief, al helemaal niet in een tijd waarin de wereld door de financiële crisis op de rand van de afgrond is gebracht.

'Als politica was Halsema intelligent en moedig, intellectueel stak ze ver boven het maaiveld uit'

 

Opvolgingsdebakel

Dan is er het plotse afscheid van Halsema eind 2010 - na een eerste verkiezingsoverwinning van Halsema bij de Kamerverkiezingen - en het lanceren van haar opvolgster Jolande Sap. Vertrouweling Kees Vendrik moest al eerder genoegen nemen met het afnemen van zijn portefeuille economie en financiën om Sap in positie te brengen. Het resultaat is bekend: na het vertrek van Halsema bleek Sap geen leiding te kunnen geven aan de fractie, die volledig uiteenviel. Bovendien bond Sap zich aan de Kunduzmissie, waar Halsema nu opvallend hard over schrijft dat ze het er in het geheel niet mee eens was. Het gedoe in de fractie onder Sap leidde tot een desastreuze verkiezingsnederlaag. De door Halsema bekokstoofde opvolging bleek dus ronduit rampzalig te hebben uitgewerkt.

Halsema noemt verwijten daarover oneerlijk (p.379), maar het blijft onduidelijk hoe je tot een positiever oordeel zou kunnen komen. Halsema lijkt ontdaan door de uitkomst, maar doet geen poging tot een serieuze analyse, het blijft bij een constatering van de feiten.

Deemoedige les voor de toekomst

Als politica was Halsema intelligent en moedig, intellectueel stak ze ver boven het maaiveld uit. Zowel de fout bij de kabinetsformatie in 2006 als de mislukte opvolging zijn echter enorme minpunten op haar conduitestaat, die bij een minder individualistische opstelling en een moderne benadering van partijpolitiek voorkomen hadden kunnen worden. “Twaalf jaar politiek is voor mij een lange oefening in dienstbaarheid geweest. Soms slaagde ik, maar even vaak zaten dwarsheid, gekrenkte trots en ijdelheid me in de weg”, schrijft Halsema op de slotpagina.

Nu GroenLinks onder Jesse Klaver weer in de lift zit, voor een klassiekere linkse agenda kiest en en ook Femke Halsema zich weer binnen de partij vertoont lijkt me dat een deemoedige conclusie om te onthouden.'

Ingezonden door Wim Bot, medewerker Fietsersbond en voormalig GroenLinks-politicus. 

Voetnoten 

Femke Halsema, Pluche. Politieke memoires. Amsterdam, maart 2016, 392 pagina’s, 19,90 euro

Reactie toevoegen

Gerelateerde artikelen