3 minuten

Veroordeeld tot sissende man

Geen wet tegen seksisme op straat

Enkele dagen geleden prijkte op de opiniepagina van de Volkskrant een persoonlijk relaas van Sarah Sluimer over seksisme op straat richting de ongesluierde vrouw. Sluimer en ik lijken op elkaar. We wonen allebei in Amsterdam; zij in Oost en ik in West. Aan haar voor- en achternaam te zien, is ook zij honderd procent NL. De bijbehorende foto verraadt dat we ongeveer even jong moeten zijn. Haar ervaringen met sissende allochtone mannen zijn herkenbaar, maar anders dan bij haar, richten de hongerige blikken zich bij mij meestal op mijn ronde achterkant. 

Geen vleiende fluitsalvo's

Ik ben het met haar eens dat dit gesis weinig meer heeft te maken met de vleiende fluitsalvo's van een macho-Italiaan. Het is namelijk niet vleiend, eerder bedreigend. Sluimer vraagt zich daarom af waarom wij niet allemaal heel erg kwaad worden dat onze vriendinnen, vrouwen en broers 'na een decennia durende emancipatoire strijd' zijn veroordeeld tot hoon en vernedering in bepaalde wijken. Een wet ('hoe symbolisch ook') zou een einde moeten maken aan het seksisme op straat, aldus Sluimer.

Deze laatste twee constateringen staan naar mijn idee echter haaks op elkaar. De decennia durende emancipatiestrijd, waar Sluimer en ik producten van zijn (onze moeders stonden eind jaren zestig aan de wieg van de tweede feministische golf), heeft ons tot autonome en weerbare vrouwen gemaakt. Wij hebben toch helemaal geen symbolische wetgeving nodig om de hoon van ons af te laten glijden of van pittige repliek te voorzien? Pas als de dreiging de fysieke grens overschrijdt wil ik dat oom agent er voor mij is. Gelukkig is dat bij wet al goed geregeld in ons land.

Emancipatie van gesluierde vrouwen

Voor ongesluierde vrouwen is de strijd voor seksegelijkheid grotendeels voltooid. Meer zorgen maak ik me over de emancipatie van de gesluierde vrouw. Dat zijn de moeders, zussen en dochters die thuis zijn veroordeeld tot de sissende man. Ik heb het over de migrantenvrouwen die door (groeps)dwang niet over hun eigen lot beschikken (vrouwen die in vrijheid kiezen voor een hoofddoek en hun mannetje staan, laat ik links liggen). De cijfers liegen er niet om: migrantenvrouwen scoren - ondanks een inhaalslag - relatief lager in de lijstjes betreffende het opleidingsniveau, economische zelfstandigheid en kindertal. Dat geldt eveneens voor uitwassen als huwelijksdwang, achterlating en eergerelateerd geweld.

Sluier stelt dat we als gemeenschap zonder omhaal een halt toe moeten roepen als mannen de vrijheid van anderen beperken. Het is inderdaad goed als dat vaker gebeurt bij een meisje die wordt lastiggevallen op straat. Daar is geen wet voor nodig. Maar het zou nog mooier zijn als de gemeenschap zich meer bekommert om de vrouwen die zijn aangewezen op mannen die de feministische golf hebben gemist. Zij aan zij met vrouwen die wezenlijk worden beperkt in hun vrijheid en kansen. Goedgebekte vrouwen als Sluier en ik voorop! Net zoals onze moeders dat in de jaren zestig deden.

*) Een ingekorte versie van dit stuk verscheen 28 augustus 2012 als 'Brief van de dag' in de Volkskrant. Op 10 september neemt Noortje Thijssen deel aan het debat 'Tyfushoeren en Vuile Flikkers' in De Balie te Amsterdam. 

Gerelateerde artikelen