4 mins

Het Klein Verzet

recensie

Wanneer zijn we verbetering gaan verwarren met groei? En een economie is toch iets wat tussen mensen is bedacht? Is het mogelijk om een economie van solidariteit en gelijkwaardigheid te creëren?

Dit zijn enkele voorbeelden van de vragen die onderzoeksjournalist en historica Tine Hens zich stelde voor ze op pad ging. In Het Klein Verzet neemt zij de lezer mee op een indringende reis door Europa. Een reis die haar in kleine maar significante uithoeken van de samenleving brengt. Ze bezoekt tientallen mensen die op de een of andere manier betrokken zijn bij initiatieven om hun directe leefomgeving te verbeteren.Het Klein Verzet- auteur Tine Hens

Zo bezoekt ze de architecte Gui in Porto, een stad die diep is getroffen door de crisis. Levendige winkelstraten zijn veranderd in lege hulzen waar al het leven uit verdwenen lijkt. Toch is er in Porto juist achter de coulissen veel beweging: sommige mensen weigeren zich neer te leggen bij de misère. Gui richtte enkele jaren geleden in een leegstaande oude bibliotheek een kinderbibliotheek op waar iedereen boeken mag binnenbrengen en ophalen. Het bracht de gemeenschap onmiddellijk in beweging. Drie dagen later sloot de oproerpolitie met veel poeha het pand hermetisch af. Het laat de spanningen zien die het klein verzet bij bestaande autoriteiten oproept.

Think Global, Act Local

Hens staat daarbij ook uitgebreid stil bij de paradox die 'Think global, act local' in zich draagt; de behoefte dat wat je doet ook écht verschil kan maken en de wankele balans tussen hoop en hopeloosheid. In beschrijvingen die dicht op de huid zitten biedt Hens een persoonlijke inkijk in het levensverhaal van de initiatiefnemers, hun situatie en hun motivatie om te doen wat ze doen. Bijna allemaal worstelen ze met de vraag: heeft wat ik doe de potentie om het verschil te maken? Heeft wat ik doe zin? In situaties van economische crisis, zoals in Hens' reizen naar Zuid-Europa pijnlijk duidelijk wordt, is de situatie nijpender en zijn mensen direct op elkaar aangewezen om creatieve oplossingen te vinden. De crisis als kans om elkaar opnieuw te ontmoeten en opnieuw te bepalen wat waardevol is, dat laat Hens ook mooi zien. De plekken die worden gecreëerd worden broedplaatsen waar mensen diensten en goederen uitruilen en 'gewoon' elkaar beter leren kennen.

Hens beschrijft de menselijke kant van het kleine verzet tot in detail. Met minutieuze beschrijvingen van de initiatieven en hun bredere historische context toont Hens hoe ieder op zijn eigen manier laveert binnen een situatie die niet zelfverkozen is. Regelmatig is dit getekend door acute crisis, zoals in Athene en Porto, soms getekend door een sluimerend besef dat het toch anders zou moeten kunnen en waar het juiste moment voor was aangebroken, zoals in Amsterdam en Totnes (UK). Hoe verschillend de mensen en die initiatieven ook zijn, een van de gemene delers is daadkracht, hoe klein het ook is.

Politiek verzet?

In de epiloog benoemt Hens nog enkele gebeurtenissen die het kleine verzet vertaalden naar massalere politiek getinte tegenbewegingen, zoals de demonstraties van Hart voor Hard in België, waarbij tienduizenden mensen protesteerden tegen het voorgenomen bezuinigingsbeleid. De uitkomsten en effecten van dit protest zijn nog niet in beton gegoten; de beweging sluimert en komt af en toe tot een opleving. Toch blijft de vraag of er nu écht een onderstroom gaande is en of die daadwerkelijk in staat is om ook na crisistijd op te bloeien en een kritiek omslagpunt te bereiken. Oud-fractievoorzitter van GroenLinks, Bram van Ojik, betoogde enkele jaren geleden dat initiatieven door de politiek op alle mogelijke fronten ondersteund dient worden door belemmerende wetgeving uit de weg te ruimen en door vooral níet te bezuinigen maar juist actief te zijn. Ook Jesse Klaver rekent op de groeiende onderstroom die zich verzet tegen de dominantie van de markt. Er is wel politieke wil, maar ook hier geldt de vraag of een kritiek omslagpunt wel bereikt kan worden, en of de pijlen werkelijk allemaal dezelfde richting uitwijzen. Een kwestie van tijd?

Voor de verbinding naar lokale politiek liggen echter enkele gevaren op de loer. Politieke aandacht betekent een vergrootglas op het initiatief, en daarmee extra zichtbaarheid. Dat heeft een vrijwel rechtstreeks effect op de bewegingsruimte van de initiatiefnemers. Niet zelden, zoals in het voorbeeld van Porto, zie je dat op het moment dat het verzet op de politieke radar komt, er direct maatregelen volgen om de beweging te smoren. Samenwerking achter de schermen is daarom essentieel, evenals het opbouwen van evenwichtig netwerk van waaruit signalen goed kunnen worden opgepikt. Politieke bescheidenheid is misschien niet de meest aantrekkelijke en mediagenieke manier om met hoopvolle initiatieven om te gaan, maar wel een voorwaarde. Daar komt bij dat de legitimiteit van ons politieke stelsel onder vuur ligt en er volop geëxperimenteerd wordt met nieuwe vormen van burgerbetrokkenheid, waardoor politieke vertegenwoordigers hun rol opnieuw zullen moeten gaan definiëren.

Dat wordt dus pionieren en fundamentele discussies voeren over wat gemeengoed is en welke publieke waarden men blijft verdedigen. Zeker gezien de aard van de initiatieven mag GroenLinks bij deze gesprekken en avonturen niet ontbreken. Met Het Klein Verzet onder de arm, op zoek naar een economie van gelijkwaardigheid, solidariteit en van beter in plaats van meer.

Tine Hens, Het Klein Verzet (2015). Berchem: EPO

Reactie toevoegen