4 mins

Is fact free politics een probleem?

Je kunt sociale feiten nooit helemaal los zien van je standpunt, maar dat betekent niet dat het niet de moeite waard is om te pogen een onderscheid te maken tussen feiten en meningen.

Recentelijk betoogde Dick Pels dat 'links' maar eens moest ophouden 'rechts' ervan te betichten fact free politics te bedrijven. Dit verwijt wordt het huidige kabinet, en vooral gedoogpartner PVV, maar al te vaak gemaakt. Een recent voorbeeld betreft de maximumsnelheid. Zelfs al wijzen alle onderzoeken uit dat 130 op de snelweg slecht is voor milieu, verkeersgebruikers en omwonenden, dan nog zullen boliderijdende VVD'ers er alles aan doen om lekker 10 kilometer harder te mogen rijden. Het genot van het autorijden neemt waarschijnlijk, net als de luchtweerstand, exponentieel toe met de snelheid.

Drie stellingen van Pels

Pels licht zijn bezwaren tegen het verwijt dat 'rechts' aan fact free politics zou doen toe aan de hand van drie stellingen. De eerste twee zijn eenvoudig samen te vatten: links doet het ook, en ook rechts gebruikt feiten (al dan niet gemanipuleerd, net als bij links overigens). Dat eerste is zo klaar als een klontje: als het gaat om 130 op de snelweg legt 'links' heel rationeel uit dat het nauwelijks tijdwinst oplevert, maar wel meer doden, maar als een asielzoeker het land uitgezet moet worden, moet het hart het ineens winnen van het hoofd.

Pels' tweede bezwaar is ook zichtbaar. Alle partijen houden ervan om 'feiten' te presenteren – vooral als betreffende feiten hen goed uitkomen. Terecht wordt gesteld dat er in sommige dossiers eerder te veel dan te weinig feiten op tafel liggen. Herinnert u zich nog de enorme stapel rapporten waarmee Alexander Pechtold op de proppen kwam toen kabinet Balkenende-IV twintig ambtelijke commissies wilde instellen om bezuinigingen in kaart te brengen? Gelukkig spelen feiten een belangrijke rol bij de vorming van beleid.

Door feiten voor te doen als 'dingen', zo is Pels' derde bezwaar, misleiden de fact free politics claimanten ons. Feiten zijn helemaal niet objectief. Feiten worden gefabriceerd, zo stelt de filosoof Latour. Het claimen van objectieve waarheid is fundamentalistisch en maakt vrijzinnige, zelfkritische politiek onmogelijk. Het is bovendien contraproductief om zelfingenomen populistische politici slechts 'objectieve feiten' voor te houden; zij zijn immers net als gelovigen die zich door niets van hun stuk laten brengen. "Links moet juist leren", zegt Pels, "om de feiten te laten dansen op de maat van de eigen muziek: om de feiten te manipuleren, zonder ze te presenteren als onwrikbare dingen".

Sociale feiten

Hiermee lijkt Pels zich, doch niet helemaal, een behoorlijk sociaal constructivistisch standpunt aan te meten. Het is duidelijk dat in de politiek, en in de sociale werkelijkheid in bredere zin, veel feiten inderdaad 'sociale feiten' zijn. Ze zijn sociaal geconstrueerd, zoals John Searle laat zien: geld, huwelijk en de regering, geen van allen bestaat zonder dat we daar gezamenlijk een betekenis aan toekennen. Maar dat betekent niet dat er in het geheel geen objectieve feiten zijn. De Mount Everest, bijvoorbeeld, zou er ook zijn als de mensheid niet was geëvolueerd. Los van het feit of we dat ding nu een 'berg' noemen: hij zou er staan.

Sociale feiten, zoals geld, zijn niet gemakkelijk te reduceren tot een objectieve waarheid. Maar dat wil niet zeggen dat je je in het publieke debat zomaar alles kunt permitteren met dergelijke feiten. Als u bij de bakker een brood wilt meenemen, zult u nog een lastige ochtend beleven als u hem probeert uit te leggen dat die muntjes en briefjes die hij van u verlangt geen waarde hebben. En hoewel er ontzettend veel debat is over de precieze betekenis van de termen 'links' en 'rechts' in de politiek, gebruikt Pels ze ruimschoots – en wij begrijpen hem.

Meer hoopgevend is Pels' stelling dat we op zoek moeten naar een "een vrijzinnige politiek die twijfel toelaat en bereid is het eigen perspectief op de proef te stellen." Juist een dergelijke kritische houding is hetgeen ten grondslag ligt aan goed wetenschappelijk onderzoek. Open staan voor het eigen ongelijk is de kern van het wetenschappelijke bedrijf. Als we alles al weten kunnen we de tent wel sluiten. Daarin speelt, zoals Pels terecht stelt, de rede een belangrijke rol. Het luisteren en serieus in overweging nemen van argumenten van anderen. Maar ook feiten, empirische waarnemingen, zijn daarbij belangrijk. Want zij bieden ons een uitzicht op de (sociale) werkelijkheid.

Elk overtuigend politiek verhaal berust op ideeën. En die ideeën kleuren ons perspectief op de werkelijkheid. Maar het is een vergissing om feiten dientengevolge slechts te beschouwen als framing. Als je serieus het politiek debat aan wilt gaan, moet je ook bereid zijn om uit je eigen frame te stappen. Je kunt sociale feiten nooit helemaal los zien van je standpunt, maar dat betekent niet dat het niet de moeite waard is om te pogen een onderscheid te maken tussen feiten en meningen. Juist omdat argumenten sterker staan als ze verbonden zijn met feiten. Ook dat draagt namelijk bij aan het voeren van een kritisch en vrijzinnig politiek debat. 

-

Reacties

ReinoutS

Zoals jij het stelt, lijkt het net alsof het niet willen uitzetten van een asielzoeker meer op emoties dan op ratio zou zijn gebaseerd. Zonder op deze plek daarover het debat te willen voeren denk ik dat daar nog wel wat op af te dingen valt!

Dick

Natuurlijk heb je gelijk door een onderscheid te maken tussen feiten en meningen, maar dat onderscheid is niet hard-and-fast maar gradueel. Feiten staan vaster dan meningen, we zijn het er meer over eens. Feiten zijn dus dingen waar we het over eens zijn, die we niet controversieel achten. Omgekeerd zijn we dus altijd in de verleiding om die dingen die we niet discutabel achten of waar we niet over willen discussiëren, feiten te noemen. Dat betekent dat de feiten vaak minder interessant zijn dan meningen of argumenten. Die Mount Everest van jou, die zal er echt wel staan. Ik ben niet van plan om dat te gaan ontkennen, dat is tijdrovend en uitzichtloos. Die Mount is ongeveer net zo interessant als het beruchte glas water van de filosoof. Iets vergelijkbaars geldt voor geld. We gaan er stilzwijgend van uit dat die muntjes en briefjes waarde bezitten, stemmen dus op elk moment actief in met het feit dat ze een bepaalde waarde vertegenwoordigen. Het feit van het geld moet elk ogenblik worden geconstrueerd als iets vanzelfsprekends, zowel door de bakker als door Tom. Maar we kunnen op elk moment ook dat briefje verscheuren, en daarmee de sociale transactie van het kopen van een brood onderuit halen.

Reactie toevoegen