10 minuten

Iedereen aandeelhouder

Opinie werknemersparticipatie: Pascale Nieuwland-Jansen

De kloof tussen arm en rijk wordt steeds groter in ons land. Een groot deel van de bedrijfswinsten gaat naar de aandeelhouders en komt niet bij de medewerkers terecht. Medewerkers delen vaak niet in de winst die zijzelf hebben gecreëerd. De belangrijkste oorzaak hiervan is de verschuivende machtsbalans binnen bedrijven.

De afgelopen jaren heeft een gestage machtsverschuiving plaatsgevonden waarbij aandeelhouders het steeds vaker voor het zeggen hebben. Werknemers daarentegen hebben de grip op hun bedrijven geleidelijk verloren en hebben vaak maar een beperkte inspraak in belangrijke beslissingen zoals fusies, overnames en reorganisaties.

Hoe kunnen we deze balans herstellen en de zeggenschap van werkenden versterken? Hoe creëren we een situatie waarin medewerkers wel meedelen in de winst en inspraak hebben bij belangrijke ondernemingsbeslissingen? Volgens ons ligt de oplossing in het aandeelhouderschap van werknemers.

Om daadwerkelijk de machtsverhoudingen binnen bedrijven te herstellen is het nodig dat werknemers mede-eigenaar worden. Het mooie is dat financiële medewerkersparticipatie niet alleen de zeggenschap van werknemers versterkt maar tegelijkertijd de productiviteit van bedrijven verhoogd. In dit artikel leggen we uit waarom dat zo is en hoe medewerkersparticipatie het best kan worden gestimuleerd.

Wat is financiële medewerkersparticipatie?

Financiële medewerkersparticipatie betekent dat medewerkers financieel meedelen in het bedrijf. Dit kan via winstdeling, waarbij werknemers simpelweg delen in de winst, maar ook via opties, aandelen en de verschillende varianten hiervan zoals certificaten van aandelen.

In dit artikel richten we ons specifiek op bedrijfsbrede medewerkersparticipatie in de vorm van aandelen of certificaten van aandelen. Deze vorm komt in Nederland nog zeer weinig voor omdat participatieregelingen vaak alleen worden gebruikt voor het topmanagement. Bedrijfsbrede regelingen voor alle medewerkers zien we slechts in vier procent van alle Nederlandse bedrijven, met bekende voorbeelden als Witteveen+Bos, Sligro, Holland Colours, Donkergroen en Goudappel Coffeng.[i]

Collectieve vertegenwoordiging

Werknemer-aandeelhouders kunnen deelnemen aan de aandeelhoudersvergadering van hun bedrijf. Dit is het orgaan waar de belangrijke ondernemingsbesluiten worden genomen, maar waarvan zij over het algemeen zijn uitgesloten. Hierdoor worden hun belangen vaak over het hoofd gezien. Als aandeelhouder hebben werknemers echter dezelfde wettelijke rechten als andere aandeelhouders. Op die manier kunnen zij zelf hun belangen behartigen en meebeslissen op de aandeelhoudersvergadering.[ii]

Dit doen werknemers over het algemeen niet individueel maar in een collectief systeem met certificaten van aandelen. Alle werknemers worden als collectief vertegenwoordigd door een stichting; het zogenoemde Stichting Administratiekantoor (STAK). De stichting is de aandeelhouder en het bestuur neemt deel aan de aandeelhoudersvergadering namens de certificaathouders.[iii]

Effecten van financiële participatie

Inmiddels wordt er al meer dan veertig jaar onderzoek gedaan naar de effecten van medewerkersparticipatie. Een groot deel hiervan hebben wij inzichtelijk gemaakt in de kennisbank van de Stichting Nederlands Participatie Instituut (SNPI). Vrijwel alle onderzoeken laten zien dat bedrijfsbrede participaties een win-win zijn. Zowel voor de onderneming als voor de medewerkers.

Zo blijkt dat bedrijven met een brede financiële participatieregeling in de vorm van aandelen of certificaten financieel beter presteren dan bedrijven zonder zo’n brede regeling of met alleen een regeling voor de top.[iv]

Een waarschijnlijke oorzaak hiervan is dat medewerkersparticipatie de betrokkenheid van werknemers vergroot. Medewerkers die meedelen in de waarde en winst van het bedrijf, hebben er baat bij dat het goed gaat met de organisatie. Ze kunnen niet alleen invloed uitoefenen op de kosten en de resultaten maar profiteren er ook van als de organisatie beter gaat functioneren. De winsten worden verdeeld onder alle aandeelhouders, dus ook de medewerkers-aandeelhouders. Iedereen kan op zijn of haar eigen niveau en werkplek bijdragen aan het grote geheel. Het welzijn van werknemers in deze bedrijven is dan ook bovengemiddeld hoog.

Een ander zeer belangrijk effect van medewerkersparticipatie is dat de  betrokken bedrijven vaker kiezen voor vaste contracten en langdurige verbindingen. Ook ontslaan deze bedrijven tijdens een crisis gemiddeld minder werknemers dan bedrijven die geen participatie hebben, terwijl ze tegelijkertijd gemiddeld ook sneller herstellen van crises.[v]

Dat brede participatie de stabiliteit van bedrijven versterkt, draagt op zijn beurt weer bij aan het presteren van de economie als geheel. Hetzelfde geldt voor de verdeling die de participatieregeling tot stand brengt. Bij ondernemingen met een brede participatie komt een groter deel van de winsten bij de medewerkers terecht in plaats van bij aandeelhouders. Het voordeel hiervan is dat medewerkers deze extra inkomsten weer in de lokale economie besteden terwijl de winsten anders waren afgevloeid naar het buitenland. Op die manier dragen participatieregelingen bij aan een stabiele economie.

Een laatste effect dat belangrijk is om te noemen, is dat mede-eigenaarschap van medewerkers de vermogensongelijkheid verkleint. Nederland is na de Verenigde Staten het land met de grootste vermogensongelijkheid. Door participatie te stimuleren kunnen we de vermogenskloof verkleinen. Financiële medewerkersparticipatie biedt ons de mogelijkheid om werknemers een fundamenteel andere positie in de economie te geven.

De negen principes van het Nederlands Model

Om financiële medewerkersparticipatie in Nederland vorm te geven heeft de SNPI het Nederlandse Model ontworpen. Het toepassen van financiële medewerkersparticipatie moet voor Nederlandse bedrijven veel eenvoudiger worden gemaakt en toegankelijk zijn voor alle bedrijven, vooral ook voor niet-beursgenoteerde bedrijven. Het Nederlandse Model is opgesteld om een bedrijfsbrede regeling zo effectief mogelijk in te richten, zodat de effecten zo groot mogelijk zijn en de risico’s worden beperkt.

Het model kent negen principes:

  • Hoofddoelstelling is (langdurige) betrokkenheid van medewerkers bij de onderneming en niet puur (korte termijn) financieel gewin.
  • Participatie is op vrijwillige basis. Inkomsten uit het aandelenplan vormen geen vervanging van de primaire beloning (loon) van medewerkers.
  • Het aandelenplan is toegankelijk voor alle medewerkers van de onderneming (bedrijfsbreed).
  • Ondernemingen hanteren principes van good governance en passen deze toe, in het bijzonder de bepalingen van besturing en verantwoording.
  • Er is een afgewogen allocatie (verdeling) van beschikbare aandelen onder de verschillende medewerkers. De zeggenschap van deelnemers is gewaarborgd, ook als aandelen gecertificeerd zijn.
  • Er vindt duidelijke en heldere communicatie plaats over het aandelenplan, de bedrijfsresultaten en de gevolgen van deelname aan het aandelenplan voor medewerkers.
  • Het aandelenplan invoeren, is onderdeel van het HR-beleid van de onderneming.
  • Het aandelenplan wordt regelmatig geëvalueerd.

Bedrijven die besluiten om het Nederlands Model te volgen, geven daarmee aan dat zij duurzaam aandeelhouderschap nastreven voor hun medewerkers.

Hoe voorkom je financiële risico’s voor medewerkers?

Eén van de meest gehoorde tegenargumenten voor aandeelhouderschap zijn de risico’s. Aandelen zijn inderdaad risicodragend. In Nederland hebben individuele medewerkers doorgaans geen heel grote aandelenpakketten. Bij een bedrijfsbrede regeling wil je dat ook niet, omdat iedereen mee moet kunnen doen, ook op de langere termijn.

Het Nederlands Model helpt om medewerkers te beschermen tegen onnodige risico’s. De risico’s kunnen verder eenvoudig begrensd worden door in de regeling een maximum per medewerker in te stellen en te verbieden om met geleend geld aandelen te kopen.

Hoe kan de overheid bedrijfsbreed aandeelhouderschap stimuleren?

Dan rest nu de vraag wat er moet veranderen in de landelijke regelgeving om bedrijfsbreed aandeelhouderschap te stimuleren. Wij hebben de vier meest voor de hand liggende opties op een rij gezet.

  1. Belastingvrij verkrijgen en aankopen van aandelen voor de medewerker faciliteren

Als de overheid het belastingvrij schenken van aandelen of kortingen op de aankoopprijs toestaat, wordt het financiële risico voor medewerkers kleiner en zijn meer bedrijven bereid om een financiële medewerkersparticipatie op te starten.

Eén van de eenvoudigste manieren om financiële risico’s voor medewerkers te verkleinen is het mogelijk maken om aandelen belastingvrij te schenken. In veel Europese landen is het al mogelijk om belastingvrij te schenken aan medewerkers.

Een andere manier voor medewerkers om aandelen te verkrijgen, zonder privévermogen in te zetten, is het omzetten van secundaire arbeidsvoorwaarden in aandelen, denk aan overtollige vakantiedagen en overuren. Dit kan via het cafetariamodel, een systeem waarbij werknemers hun arbeidsvoorwaardenpakket (deels) zelf kunnen samenstellen. Zo kan elke medewerker vermogen opbouwen, zonder al te veel risico’s te lopen.

Een derde mogelijkheid is om de medewerkers belastingvrij te laten delen in de winst – ook zonder aandelen. Het voordeel hiervan is dat dit ook mogelijk is in bedrijven die geen aandelen aan medewerkers ter beschikking kunnen stellen, zoals coöperaties of kleine bedrijven. In bedrijven die wel aandelen kunnen uitgeven, kunnen medewerkers met dit bedrag extra aandelen aankopen.

Hoe kan de overheid dit praktisch faciliteren?

Breid de werkkostenregeling (WKR)[i] substantieel uit en maak het voor bedrijven mogelijk om jaarlijks voor maximaal 5.000 euro per medewerker het volgende aan te bieden (op basis van regels[ii]):

  1. Belastingvrije schenking van aandelen
  2. Belastingvrije kortingen op de aankoop van aandelen
  3. Belastingvrij secundaire arbeidsvoorwaarden inruilen voor aandelen
  4. Belastingvrij winstdeling uitkeren
  1. Schenken van aandelen aftrekbaar maken van de vennootschapsbelasting voor de onderneming

Op dit moment is in de wet opgenomen dat het schenken van aandelen niet aftrekbaar is voor de vennootschapsbelasting. Dit is destijds ingesteld om topbeloningen tegen te gaan. Maar het hindert ook het bedrijfsbreed schenken van aandelen aan alle medewerkers.

Maak schenkingen in het kader van brede aandelenregelingen tot een bedrag van 10.000 euro per jaar per medewerker aftrekbaar voor de vennootschapsbelasting. Zo stimuleer je geen topbeloningen, maar alleen brede regelingen.

  1. Minderheidsaandelen aanmerken als duurzaam vermogen

Bij medewerkersparticipatie worden gewone mensen met gewone salarissen medeaandeelhouder in hun bedrijf. Zij beleggen hun geld in het bedrijf waar ze werken. Zij helpen mee hun onderneming meer duurzaam te maken, omdat ze belang hebben bij duurzaam succes. Als het goed gaat, bouwen ze wat extra vermogen op. Het gaat bij medewerkersparticipatie om een minderheidsaandeelhouderschap (< 5 procent) en de aandelen staan lang vast. Van het rendement moeten deze medewerkers optimaal kunnen profiteren en zij moeten niet aangemerkt worden als vermogend.

Minderheidsaandelen vallen in Box 3. Aandelen in het kader van een bedrijfsbrede regeling zouden een extra heffingskorting moeten opleveren. Net zoals voor groene beleggingen geldt.

  1. Faciliteer het waarderen van een niet-beursgenoteerde onderneming

Een niet-beursgenoteerde onderneming zal de onderneming eerst moeten waarderen, voordat zij met een financiële participatie kan starten en aandelen kan overdragen.

De Belastingdienst beoordeelt waarderingen van niet-beursgenoteerde bedrijven op verschillende manieren. Er zijn geen wettelijke richtlijnen voor het waarderen van niet-beursgenoteerde bedrijven. Dat is een echt probleem en zal moeten worden aangepakt. De wet spreekt nu alleen over een actuele waarde. Rapporten van Register Valuators die zijn aangesloten bij de beroepsvereniging NIRV worden niet altijd geaccepteerd door de Belastingdienst.[iii]

De overheid moet een realistisch rekenmodel maken in samenspraak met NIRV voor het waarderen van niet-beursgenoteerde bedrijven voor financiële medewerkersparticipatie, zodat voorleggen aan de Belastingdienst niet meer nodig is.

Naar een democratische economie

De afgelopen jaren is de machtsverhouding tussen werknemers en werkgever steeds verder uit balans geraakt. Steeds vaker maken werkgevers onder druk van aandeelhouders beslissingen die haaks staan op de belangen van werknemers en de samenleving als geheel. De enige manier om deze machtsbalans te herstellen is om werknemers daadwerkelijk zeggenschap te geven. Financiële werknemersparticipatie biedt hier de mogelijkheid toe, zonder dat het de stabiliteit van de economie raakt. Het is de manier om te bouwen aan een daadwerkelijk democratische economie.

Voetnoten 

[i] Zie ook https://www.snpi.nl/deelnemers met mooie voorbeelden van Nederlandse bedrijven met een brede financiële medewerkersparticipatie.

[ii] De rechten van aandeelhouders zijn vastgelegd in wet- en regelgeving en de Corporate Governance Code. Denk aan: recht op dividend; recht om een vergadering bijeen te roepen; recht om een enquêteprocedure aan te vragen; stemrecht tijdens een aandeelhoudersvergadering. De vennootschap moet minimaal één keer per jaar verantwoording afleggen aan zijn aandeelhouders. De aandeelhoudersvergadering beslist over grote besluiten zoals fusies en overnames, de benoeming en het ontslag van bestuurders, het beloningsbeleid voor bestuurders, de vaststelling van de jaarrekening en de wijzigingen van de statuten. Zie ook: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/corporate-governance/rechten-en-bevoegdheden-van-aandeelhouders

[iii] Het stemrecht van de aandelen in deze STAK wordt uitgeoefend door het bestuur van de STAK. Het is dus wel belangrijk om goed te kijken naar de samenstelling van dit STAK-bestuur. Om de zeggenschap en inspraak van medewerkers te borgen is het belangrijk dat het STAK-bestuur voor minimaal tweederde uit medewerkers bestaat die ook certificaathouder zijn in de onderneming. Aangevuld met bijvoorbeeld een onafhankelijke derde die de medewerkers begeleidt in het uitoefenen van hun stemrecht.

[iv] Bron: Erik Poutsma en Eric Kaarsemaker, Added Value of Employee Financial Participation, 2015.

[vi] De WKR is per 1 januari 2020 al verruimd van 1,3 procent naar 1,7 procent. Bij 1,7 procent van een salarishuis van 400.000 euro is er slechts een bedrag van 6.800 euro dat men belastingvrij aan medewerkers mag schenken. Deze ruimte is nu erg beperkt. Te beperkt om kortingen te geven of aandelen te schenken en overschrijdingen worden zwaar fiscaal belast.

[vii] Belangrijk om duidelijke regels te maken, zodat de participatie niet alleen voor de top zal worden ingezet. Bedrijfsbreed en collectiviteit moet het uitgangspunt zijn.

[viii] NIRV Nederlands Instituut voor Register Valuators (https://nirv.nl/).

Gerelateerde artikelen