De overheid heeft niets te zoeken in onze onderbroek

Het is niet meer wenselijk om etnische achtergrond te registreren; dit leidt tot een onnodige tweedeling tussen zogenaamde 'autochtonen' en 'allochtonen', is het oordeel van de meeste GroenLinks-ers. Opvallend is dat een zelfde discussie over de registratie van geslacht tot nu toe uit blijft. We vinden het nog steeds heel vanzelfsprekend om vast te leggen in de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) of een burger van het vrouwelijke dan wel mannelijke geslacht is.

Maar waarom eigenlijk? Is het nog wel nodig? De argumenten op een rijtje zettend, kan er niet anders dan geconcludeerd worden dat de registratie van geslacht weinig nut heeft maar wel schade berokkent aan mensen.

Registratie van persoonlijke gegevens ligt gevoelig. Het registreren van het geboorteland van de ouders door middel van de geboorteplaats van de ouders en het vervolgens indelen in 'allochtoon' en 'autochtoon' is dan ook inmiddels een discutabele praktijk geworden. De RMO (Raad Maatschappelijke Ontwikkeling) raadt aan om het af te afschaffen en dit voorstel heeft veel bijval gekregen.

Met name binnen GroenLinks vinden de meesten dat deze registratie niet past bij een staat die uitgaat van gelijkheid van burgers ongeacht hun etnische achtergrond. Deze registratie die onderscheid tussen 'autochtoon' en 'allochtoon' mogelijk maakt is handig voor sociaalwetenschappers, maar botst met het gelijkheidsbeginsel.

Sommige sociaalwetenschappelijk onderzoekers reageren furieus op het voorstel om de registratie van het geboorteland van de ouders af te schaffen: voor hun onderzoek is het onder andere tijdbesparend als het GBA een onderscheid maakt op geboorteland van de ouders. Het is echter niet de taak is van de wet om het werk van onderzoekers gemakkelijker, eenvoudiger of fijner te maken. Wetten moeten een rechtvaardige samenleving waarborgen.

Opvallend is dat er nog geen debat woedt over de wenselijkheid van de registratie van geslacht in het GBA. Dit terwijl net als bij de registratie van het geboorteland van ouders, de nadelen groter lijken dan de voordelen. Toch wordt er nog weinig over gedebatteerd. Eén van de oorzaken is dat mensen vaak – zonder enige verdieping in het thema - er van overtuigd zijn dat registratie van geslacht noodzakelijk en vanzelfsprekend is. Men gaat er vanuit dat hiervoor een duidelijke juridische noodzaak bestaat. Maar is dat wel zo?

Weinig nut meer

Er zijn tijden geweest dat je geen stemrecht had als vrouw, dat je werd ontslagen als je trouwde, dat je het leger in moest als gezonde jongeman en dat het was toegestaan om vrouwen minder te betalen voor hetzelfde werk. Maar de tijden zijn (gelukkig!) veranderd.... Voormalig kinderrechter Frans van der Reijt pleit daarom al sinds de jaren negentig voor de afschaffing van de registratie van geslacht.

Hij was betrokken bij de wetswijziging in 1985 die het mogelijk maakte voor transseksuelen om van geslacht te veranderen, en kwam er bij de voorbereiding van die wet achter dat er geen enkele andere wet hoefde te worden aangepast om een verandering van geslacht mogelijk te maken. Dat zette Van der Reijt aan het denken: als sekse juridisch zo weinig consequenties heeft, waarom wordt het dan geregistreerd? De wet heeft nauwelijks functie meer, zag Van der Reijt al in de jaren negentig.

Anno 2013 dient de registratie van geslacht nog minder nut dan in de jaren negentig: zo is het huwelijk opengesteld voor paren van hetzelfde geslacht; geslacht is dus bij het sluiten van een huwelijk – op het vreemde fenomeen weigerambtenaar na – niet meer relevant.

Alleen bij zwangerschap worden vrouwen heel duidelijk anders behandeld; maar let op: het gaat dan niet om het feit dat ze vrouw zijn maar om het feit dat ze zwanger zijn. Wetgeving voor zwangeren zal altijd nodig zijn. Maar de vraag is of de vermelding dat ze vrouw zijn daar nu daadwerkelijk iets aan toegevoegd.

Maar is registratie van geslacht dan niet voor andere zaken nuttig? Dat blijkt veel minder het geval dan vaak wordt gedacht. Een aantal voorbeelden waarvan er veelal – onterecht – wordt gedacht dat er registratie van geslacht in het GBA voor nodig is:

  • borst- baarmoederhalskankeronderzoek: het GBA is hier niet voor nodig en is daarnaast te onnauwkeurig (bijvoorbeeld: veel vrouwen hebben geen baarmoeder en er zijn transmannen die wel een hebben). De oproepen om deel te nemen aan een borst-of baarmoederhalskankeronderzoek kunnen gericht worden verspreid op een zelfde manier zoals de oproepen voor de griepprik worden verspreid; voornamelijk via de huisarts. Daar komt geen GBA aan te pas. Dit zelfde geldt voor prostaatkankeronderzoek.
  • positieve actie voor vrouwen op de arbeidsmarkt: hiervoor is geen GBA nodig. Al jarenlang worden er immers positieve acties ingezet om meer mensen met een handicap aan een baan te helpen. Of je een handicap hebt of niet staat niet geregistreerd in het GBA.
  • vrouwenemancipatiebeleid: het GBA speelt hierin geen rol. In allerlei gemeenten wordt immers niet alleen een vrouwenemancipatiebeleid gevoerd maar ook een emancipatiebeleid gericht op de emancipatie van homo, lesbiennes, bi's en transgenders. Maar of je tot deze doelgroep behoort wordt (gelukkig!) niet geregistreerd in het GBA. Het afschaffen van de registratie van geslacht zal dan ook geen gevolgen hebben voor het voeren van een beleid gericht op de emancipatie van vrouwen.

De overheid mag alleen gegevens vastleggen als daar een duidelijk maatschappelijk belang mee gediend is. Voor geslacht is dat helemaal niet (meer) zo duidelijk.

Negatieve gevolgen van registratie van geslacht

'Lekker belangrijk zeg', was de sarcastische opmerking van een twitteraar na aanleiding van een discussie over de mogelijkheid van het afschaffen van de verplichte registratie van geslacht. De verplichting tot geslachtsregistratie dient weinig nut meer en is zeker niet onschuldig zoals soms gedacht wordt. Het veroorzaakt veel menselijk leed. De vanzelfsprekende, rigide tweedeling in het GBA tussen vrouwen en mannen beperkt mensen die niet in die tweedeling passen in hun ontwikkeling.

Denk allereerst aan transgender personen. Al jaren leef je bijvoorbeeld als man en zie je er voor de buitenwereld ook zo uit, maar in het GBA sta je nog steeds als vrouw geregistreerd. Dit geeft talloze problemen: verwarring bij loketten, en zeer ongepaste en vervelende vragen over je lichamelijke situatie in allerlei openbare gelegenheden.

Denk daarnaast ook aan intersekse personen en de moeilijke situaties waar zij mee te maken krijgen door de wet. Maar ook aan de dilemma's waar ouders voor staan als hun pasgeboren kindje lichamelijk niet makkelijk in te delen is als meisje of jongetje en zij over willen gaan tot aangifte van de geboorte. Kortom: volgens de wet ben je óf man óf vrouw terwijl we inmiddels weten dat het dit geen recht doet aan veelkleurige werkelijkheid.

Privé

De vraag die naar voren komt is: wat heeft de overheid eigenlijk met het geslacht van de burger te maken, als geslacht zo weinig nut heeft voor wetgeving? Waarom moet de overheid weten of een burger een vagina of een piemel heeft? Vele persoonlijke en intieme gegevens zoals seksuele voorkeur, fysieke handicaps, chronische ziekten of politieke gezindheid, worden niet bij de wet geregistreerd.

En dat is maar goed ook: het is een privéaangelegenheid. Of jij jezelf benoemt als vrouw, man of anders, en welke 'geslachtskenmerken' jij hebt, gaat de wetgever eigenlijk ook weinig aan. De overheid heeft niets te zoeken in onze onderbroek.

Het Feministisch Netwerk (FemNet) van GroenLinks is van mening dat het bij GroenLinks als progressieve partij past om serieus de mogelijkheid van het afschaffen van de verplichte registratie van geslacht te onderzoeken. Het klinkt misschien in eerste instantie radicaal, absurd of zelf onmogelijk, maar kunt u een goed tegenargument bedenken? Wij dagen u uit!

Het Feministisch Netwerk (FemNet) van GroenLinks,

Auteur: Hanneke Felten (bestuurslid FemNet)

Ondersteund door en met dank aan: Milou van Hoek (bestuurslid FemNet), Marie Christine van der Gronde (voorzitter FemNet en rechtenstudent), Renate Hukema (FemNet-lid), J. Vreer Verkerke (gender educatie en trans advocacy; lid Steering COmmittee TGEU), Christiaan Roorda (jurist), Marjolein van de Brink (jurist) Jojanneke van der Veen (oud Dwars voorzitter), Jiro Ghianni (transgender activist), Margreet de Boer (lid Eerste Kamer GroenLinks).

Bronnen

Brink, van den, M. (2009) 'Onpraktisch, oninteressant en opgepast. Over de algemeen aanvaarde opvatting dat personen hetzij tot het mannelijke hetzij tot het vrouwelijke geslacht behoren'. In : Vrouw en Recht: de beweging, de mensen, de issues. Amsterdam: University Press.

Frans van der Reijt "De registratie van sekse kan worden afgeschaft" in: Jong, de, T. (1999) Man of vrouw, min of meer. Gesprekken over een niet-gangbare sekse. Amsterdam: Schorer Boeken.

Felten, H. (2011). Verplicht veld? Pleidooi voor het afschaffen van geslacht als juridisch onderscheid. Utrecht: FemNet.

Graven, M. & Brink, van den, M. (2008) 'Trans m/v: genderdiversiteit, seksegelijkheid en het

recht', Tijdschrift voor Genderstudies, no. 2, 2008, p. 52-66.